Toeristenkaart, Er is zoveel te zien!

Historie van Nijenklooster

Nijenklooster is een boerenstreek tussen Kloosterburen en Wehe-den Hoorn. Een op het eerste gezicht vrij jonge nederzetting met verspreid staande boerderijen, maar wel een streek met een hele geschiedenis.

Omstreeks 1175 is vanuit het Norbertijner klooster in het Friese Hallum in het noorden van De Marne een abdij gesticht. Die kwam op de plaats waar nu de kerkwierde van Kloosterburen ligt. Het was een dubbelklooster met monniken en nonnen. Al vrij vroeg, in 1204, is het vrouwenklooster afgesplitst en een kilometer of drie zuidoostelijker gesticht door Henricus Cappenberg van Oldeklooster. De middeleeuwse zeedijk, die later werd ingericht tot weg tussen Kloosterburen en Den Hoorn, heeft in de buurschap Molenrij de naam H. van Cappenbergweg gekregen. Het oorspronkelijke klooster werd al spoedig Oldeklooster genoemd en het vrouwenklooster kreeg de naam Nijenklooster in de Marne. De laatste toevoeging onderscheidde het van andere nieuwe kloosters, bijvoorbeeld dat ten zuiden van Krewerd bij Appingedam. Na de reductie in 1594 is het klooster ten onder gegaan en in 1597 ontmanteld. Alleen de naam bleef bestaan.

Bij de splitsing met de Broeksterkleiweg staat een stelpboerderij met bijschuur van rond 1900. De boerderij heeft ook nog een schuur aan de andere kant van de weg. Achter aan de Broeksterkleiweg ligt ook nog een boerderij. Even verder is een nieuwe boerderij met ligstallen en een apart huis gebouwd. Halfweg staat boerderij Baarveld, een kop-hals-rompboerderij met dubbele schuur die moeilijk te dateren is omdat voorhuis en hals gepleisterd zijn. De monumentaal gelegen boerennederzetting zal waarschijnlijk uit het einde van de 19de eeuw dateren. Op een ruim erf ligt even zuidelijker de fraaie boerderij Hettinga, een kop-hals-romp uit ongeveer 1880 met een dwarsgeplaatst onderkelderd voorhuis, een ingang met trap in het midden en daarboven een balkon voor de middenuitbouw.

Tekst: © NoordBoek Groningen • Foto: © Peter Karstkarel