Toeristenkaart, Er is zoveel te zien!

Historie van Oldendiever

Aan de zuidkant van Diever ligt het buurschap Oldendiever. Samen met Kalteren, Wateren en natuurlijk Diever maakte het buurschap deel uit van de marke van Diever. De geschiedenis van Oldendiever gaat terug tot de middeleeuwen. Dat is nog te zien aan de structuur van het dorp. De boerderijen stonden verspreid in het landschap en de akkers lagen op de essen van het dorp, op de Westeresch en op de Zuurlanderesch in het oosten. De driehoekige brink van Oldendiever is nog herkenbaar als brink, ook al zijn er inmiddels woningen op gebouwd.

Oldendiever komt in een oorkonde uit 1298 voor als Oldendene, in de vijftiende eeuw schreef men Olden Deveren. Rond 1973 heeft men enkele interessante archeologische sporen gevonden nabij Oldendiever. Er is een vroeg-middeleeuwse komhut opgegraven en er zijn scherven gevonden die dateren uit de twaalfde of dertiende eeuw. Historici vermoeden dat Oldendiever de oudste kern van de marke was en dat Diever zich pas ontwikkelde na de bouw van de Sint Pancratiuskerk in de twaalfde eeuw.

In de loop van de vorige eeuw nam het aantal boerenbedrijven in Oldendiever af. Het merendeel van de boerderijen is omgebouwd tot woonhuis. Aan de Kastanjelaan staat een karakteristieke hallenhuisboederij waarvan de kern stamt uit de achttiende eeuw. Aan de straat Oldendiever staan modernere boerderijen. Zuidwestelijk van Oldendiever ligt het Oldendieverveld, eigendom van Staatsbosbeheer. Dit is een weidecomplex met een strook woeste grond en het ven Witteveen. Het recreatiepark Sprakelingen grenst aan de zuidkant van het Oldendieverveld.

Tussen Oldendiever en Diever staat de achtkante stellingmolen De Vlijt. Deze korenmolen is gebouwd in 1882 ter vervanging van een eerder afgebrande molen. Bij de bouw heeft men onderdelen gebruikt van een molen uit het Friese Eesterga. Omstreeks 1938 werd de molen uit bedrijf genomen vanwege de slechte staat van het bouwwerk. In de loop van de vorige eeuw is de molen meermaals gerestaureerd en tegenwoordig is De Vlijt weer maalvaardig.

Tekst: © Noordboek Drenthe • Foto: © Hendrik van Kampen