Toeristenkaart, Er is zoveel te zien!

Historie van Emmer Erfscheidenveen

Tussen Emmen en Emmer-Compascuum ligt de dubbele veenkolonie Emmer-Erfscheidenveen, in de volksmond ook Emmererf genoemd.

Het dorp is ontstaan rond 1900, nadat men de ontginning van het veengebied ten oosten van Emmen ter hand nam. In 1878 begon men vanaf het Ter Apelerkanaal met de aanleg van het Stads-Compascuumkanaal. Aan het uiteinde daarvan ontstond de dorpskern van EmmerCompascuum. Hiervandaan werd vanaf 1898 het kanaal in westelijke richting doorgetrokken, eerst als de Runde en daarna als Kanaal B. Parallel aan Kanaal B werd Kanaal A gegraven en binnen dit dubbele kanalenstelsel is Emmer-Erfscheidenveen ontstaan.

De eerste bewoners waren voornamelijk veen- en landarbeiders. Hun kleine woningen verrezen langs de twee kanalen en aan de verbindingswegen die ertussen werden aangelegd.

De boerderijen werden aan de buitenzijde van het kanaalsysteem gebouwd. Haaks op de kanalen werd een netwerk van wijken gegraven, zodat het veengebied in lange, evenwijdige percelen kon worden ontgonnen. In het midden van de veenkolonie, waar Kanaal E Kanaal B doorsnijdt, is de dorpskern ontstaan. Tot 1938 was Emmer-Erfscheidenveen een zelfstandig dorp, daarna werd het onderdeel van het veel grotere Emmer-Compascuum. De bebouwing van beide dorpen loopt bij de noordkant van hetVerlengde Scholtenskanaal in elkaar over.

In 1925 kreeg Emmer-Erfscheidenveen een gereformeerde kerk aan de Middenweg Oostzijde.

Dit is een zaalkerk met een verlaagd ingangsportaal. Tegenwoordig is de kerk in gebruik bij de Servisch Orthodoxe Parochie. In 1939 werd een hervormde kerk gebouwd aan het Kanaal A Noordzijde, dit gebouw doet nu dienst als woonhuis. De baptistengemeente is gehuisvest in een modern pand aan dezelfde straat. De verscheidenheid in religies resulteerde in de oprichting van drie lagere scholen, een openbare, een gereformeerde en een hervormde. Daarvan zijn openbare school De Dreef en de christelijke school De Triangel overgebleven.

In 1926 werd in Emmer-Erfscheidenveen een dorpshuis geopend. Hier was opvang geregeld voor kinderen van vrouwen die in het veen moesten werken. Later werd ’t Oale Buurthuus verbouwd tot café, met daarbij een klein museum met een nostalgisch winkeltje en vele spullen uit grootmoeders tijd. Inmiddels zijn café en museum verhuisd naar een grotere locatie aan het Kanaal A Noordzijde en hebben ze de naam De Woonboot van Nelis en Leentje gekregen. Er vlakbij staat het opvallende voormalig postkantoor. Dit woonhuis met kantoor uit 1913 heeft een ingang op de hoek van het pand. Vanaf de weg Kanaal B is aan het eind van een klein paadje nog een oud veenhuisje.

Het verenigingsleven van Emmer-Erfscheidenveen speelt zich af rond buurthuis De Stobbe.

In de loop van de vorige eeuw vestigden enkele tientallen bedrijven zich in Emmer-Erfscheidenveen. Naast boerenbedrijven waren dit bedrijven op het gebied van onder meer transport en installatietechniek. Desondanks heeft het dorp zich ontwikkeld tot forensendorp, dat vooral gericht is op Emmen. Het voorzieningenniveau van Emmer-Erfscheidenveen is redelijk, veel voorzieningen worden gedeeld met Emmer-Compascuum.

Bij de ontginning van de Westelijke Middelste Dwarsplaatsen, ten westen van Kanaal E, trof men in 1938 een veenlijk aan. Dit was het lichaam van een man die waarschijnlijk leefde in de Bronstijd. Om het lichaam zat een cape van kalfshuid en verder vond men in de nabijheid een muts, een deel van een onderkleed en een schoen. Zowel de kleding als het lijk behoren tot de oudste vondsten in zijn soort van Nederland. Lange tijd werd het veenlijk bewaard in de Oudheidskamer in Emmen, maar in 1986 is de Man van Emmer-Erfscheidenveen overgebracht naar het Drents Museum in Assen. ■

Tekst: © Noordboek Drenthe • Foto: ©