Toeristenkaart, Er is zoveel te zien!

Historie van Drouwenermond

Het langgestrekte kanaaldorp Drouwenermond ligt tussen Gasselternijveenschemond en Nieuw-Buinen. Het dorp is ontstaan aan het begin van de negentiende eeuw, toen men voor de vervening van het gebied haaks op het Groningse Stadskanaal een netwerk van zijkanalen groef, de monden en de wijken. In de Drouwener Venen werden twee hoofddiepen vlak naast elkaar aangelegd, het Noorder- en het Zuiderdiep. Rond 1823 vestigden de eerste bewoners zich langs het Zuiderdiep, in 1830 woonden er al meer dan dertig mensen.

De bebouwing van Drouwenermond concentreerde zich langs het Zuiderdiep en niet langs het Noorderdiep. In de tweede helft van de negentiende eeuw werd het afgegraven veengebied rond Drouwenermond ingericht als landbouwgrond. In het dorp staan nog bijzondere veenkoloniale boerderijen. Deze krimpenboerderijen hebben een afgeknotte geveltop en kleine vensters in het zoldergedeelte. In Drouwenermond staat een kleine protestantse kerk met een soortgelijk dak als de boerderijen, met daarop een witgeverfde dakruiter. De gevel van de kerk is gedeeltelijk wit bepleisterd. Het dorp heeft een eigen openbare lagere school, De Kruiplank.

Westelijk grenst Drouwenermond aan het wegdorp Drouwenerveen, in het oosten loopt de bebouwing door tot Stadskanaal. Vlakbij de provinciegrens ligt het Zeelandstreekje haaks op de doorgaande weg. In 1884 kwamen vier families uit het Zeeuwse Westkapelle hier wonen. Niet alleen de straatnaam, maar ook het beeld de ZeeuwMeeuw uit 1987 herinneren hieraan. De zeemeeuw is gemaakt door Jef Depassé Huisman. Tussen het Zuiderdiep en de Dreefweg, ten westen van het Zeelandstreekje, ligt het kleine Knoesterbos.

Het Zuiderdiep is gedeeltelijk gedempt en later deels weer geopend.

Tekst: © Noordboek Drenthe • Foto: © Hendrik van Kampen