Toeristenkaart, Er is zoveel te zien!

Historie van Buinerveen

Tussen Buinen en Nieuw-Buinen ligt de veenkolonie Buinerveen. Het dorp is halverwege de achttiende eeuw ontstaan, toen men vanuit Buinen begon met de vervening. Op een lange zandrug bij het riviertje Achterste Diep vestigden zich de eerste bewoners, met name boeren, veen- en landarbeiders. In de loop van de negentiende eeuw kwamen de grootschalige ontginningen op gang en ontwikkelde Buinerveen zich van een kleine veennederzetting tot een groot boerendorp met veenkoloniale akkerbouw. Tegenwoordig is Buinerveen vooral een forensendorp, dat sterk gericht is op de naburige dorpen en Stadskanaal.

Haaks op de Noorderstraat-Zuiderstraat werden twee evenwijdig lopende kanalen aangelegd die aansloten op het Stadskanaal.

Langs deze kanalen ontstond de veenkolonie Nieuw-Buinen, die zou uitgroeien tot één van de grootste plaatsen in de gemeente.

Het Zuiderdiep werd rond 1905 verlengd tot aan Buinen, wat ook een belangrijke economische impuls was voor Buinerveen. Door de groei na de Tweede Wereldoorlog van zowel Buinerveen als Nieuw-Buinen loopt de bebouwing van beide plaatsen tegenwoordig in elkaar over. In het noorden grenst Buinerveen aan Drouwenerveen, naar het zuiden toe loopt de bebouwing door tot in Exloërveen. Het Zuiderdiep is inmiddels grotendeels gedempt.

Anders dan de vele veenkolonies in het Oostermoergebied, is Buinerveen van oorsprong geen kanaaldorp maar een wegdorp.

Door de lintbebouwing kent Buinerveen geen echt dorpscentrum. De kruising van de wegen Noorderstraat, Hoofdstraat, Zuiderstraat en Buinerstraat wordt daarom als dorpskern beschouwd. Daar staat ook het bekende café De Viersprong, dat tevens als dorpshuis fungeert.

Aan het Zuiderdiep 7 staat de voormalige Silokerk, een kleine zaalkerk met dakruiter. Sinds 2006 is de kerk een atelier en galerie. De sportvelden en de ijsbaan van het dorp bevinden zich aan de Noorderstraat.

Tekst: © Noordboek Drenthe • Foto: © Hendrik van Kampen